Oplossingsgerichte therapie

Oplossingsgerichte therapie werkt grotendeels met vragen aan en opdrachten voor de cliënt. Allereerst vraagt de therapeut wat u zou willen veranderen aan het probleem. Uit die wensen wordt een thema gekozen waaraan gewerkt gaat worden. Vervolgens kunt u aan de slag met een scala van vragen en opdrachten.

We hanteren de volgende uitgangspunten:

  1. Als iets werkt, doe er dan meer van.
  2. Als iets niet werkt, doe er dan minder van; doe dan iets anders.
  3. De oplossing hoeft geen verband te hebben met het probleem.
    Denk dus niet (alleen) lineair.
  4. Verandering vindt voortdurend plaats en is onvermijdelijk:
    alles verandert altijd, stabiliteit is een illusie.
  5. Als iets ok of goed genoeg is, ga er dan niet aan ‘sleutelen’.
  6. ‘Zoom in’, vertraag en vraag naar details:
    kleine stapjes kunnen voor grote veranderingen zorgen.

Oplossingsgericht werken houdt dus in dat we steeds samen zoeken naar wat wel goed gaat.